Handreikingen

Blijf in gesprek 

Praten over ziekte, afscheid of angst is moeilijk. Voor jou én voor je dierbare. Misschien wil je niets verkeerds zeggen. Misschien voel je dat er iets speelt, maar weet je niet hoe je het moet benoemen.

Wat helpt:

  • durf te vragen: “Wat houdt je bezig?”, “Is er iets wat je wilt delen?"
  • stel open vragen en accepteer ook het niet-weten. Soms is er geen antwoord.
  • luister zonder te oordelen of op te lossen
  • wees eerlijk over wat je wel en niet weet of kunt
  • wees stil als dat nodig is: je hoeft geen oplossingen te bieden. Stilte mag. Soms is er meer in een hand op een schouder dan in duizend woorden.

Als je dierbare niet wil praten

Soms wil iemand het er niet over hebben. Dat is zijn of haar keuze. Een keuze die je moet respecteren, ook al is dat moeilijk voor je. 

Natuurlijk kan dat wel knagen, vragen die niet gesteld worden of dingen die onuitgesproken blijven. Als dat te zwaar wordt, praat er dan met iemand anders over. Blijf er niet me zitten. Het Centrum voor Levensvragen Limburg bijvoorbeeld is er ook voor jou.

 

Hoe ga je om met emoties?

Ziek zijn gaat vaak gepaard met veel gevoelens. In deze fase kunnen emoties alle kanten op gaan: angst, boosheid, verdriet, opluchting, dankbaarheid. Het mag er allemaal zijn. Oók bij jou.

Wees zacht voor jezelf. Je hoeft niet alles op te vangen. Je mag ook geraakt worden.

Wat kan helpen:

  • erken wat de ander voelt, ook als je het niet begrijpt
  • wees eerlijk over je eigen gevoelens, zonder de ander ermee te belasten
  • bied nabijheid: een hand, een blik, samen een kop thee
  • verwacht geen perfect gedrag, van jezelf noch van de ander

Wat mag je van elkaar verwachten?

Je bent misschien partner, kind, vriend(in) of buur en ineens ook mantelzorger, regelaar of trooster. Die nieuwe rolverdeling kan lastig zijn.
Bespreek wat jullie voor elkaar kunnen betekenen. Misschien wil jij alles doen, maar heeft je dierbare behoefte aan rust. Of wil je dierbare juist nog zoveel mogelijk zelf bepalen.

Probeer samen te bespreken:

  • wat wil je wel en niet doen?
  • wat lukt je, en wat liever niet (meer)?
  • wie kan eventueel iets overnemen?
  • geef aan wat jij wel en niet kunt doen
  • wat blijft belangrijk in jullie band, los van de ziekte?
  • vraag wat de ander fijn vindt

Het is belangrijk dat jij je grenzen kent én ze bewaakt. Delen is geen zwakte, het is een vorm van zorg.

Zorg draait niet alleen om geven, maar ook om verbinden.